Reisverslag augustus: Maleisisch Borneo

Tawau, Sandakan, Sepilok, Kota Kinabalu, Palua Labuan

5 RM is iets meer als een Euro. 

Dag 512: Donderdag 28 juli (Tawau)
Grensovergangen zijn nooit leuk. Of je nou met vliegtuig, de boot, de bus of te voet ergens ter wereld de grens oversteekt, het is altijd hectisch. En soms moet je gewoon erg lang wachten op dat ene stempeltje of heel erg veel papieren invullen. We zullen maar bij het begin beginnen. Om 10.00 uur arriveren we in Nunukan (Kalimantan). Gelukkig een kleine haven waar weinig mensen de boot op willen. We kunnen dus op ons gemak van de boot afkomen zonder dat we omver worden gelopen. In de haven van Nunukan horen we dat de boot naar MaleisiŽ Ďs middags om 13.00 uur vertrekt. We besluiten maar meteen dezelfde dag door te reizen naar MaleisiŽ. We proberen nog geld te wisselen en de geldwisselaars hebben wel een hele goede koers. Uiteraard wel in hun eigen voordeel! Om 13.00 stappen we in de speedboot die ons naar Tawau brengt. De boot is volgeladen met mensen en bagage, het is een wonder dat we niet zinken. Een uurtje later zijn we in MaleisiŽ. En daar begint het feest weer. Die lokale mensen hebben nooit haast, zijn erg relaxt, alles gaat op zijn dooie gemak, maar als ze van de boot af willen beginnen ze allemaal te wringen en te duwen. We hebben dit al eerder meegemaakt in Zanzibar (Tanzania) maar ook hier in AziŽ kunnen ze er wat van. En als Balkende nog eens over normen en waarden begint moet hij eerst hier maar eens gaan kijken. Niemand helpt elkaar even en maar duwen om van die boot af te komen. En dan staan we eindelijk op Maleisisch grondgebied. Tegelijk met onze boot is er nog een boot vanuit Nunukan aangekomen. Lange rijen dus voor het kantoor van de douane. En waar zijn de douanebeambten? Die hebben lunchpauze. Och, het is maar net waar je prioriteiten liggen. We sluiten aan in de rij en wachten braaf tot de lunchpauze voorbij is. Weer even papieren invullen, stempel erbij in het paspoort en we zijn in MaleisiŽ. Hemelsbreed niet zo heel ver van IndonesiŽ, maar wat een wereld van verschil. Keurige stoepranden waar je gewoon op kunt lopen zonder dat je je nekt breekt of dat je bijna in een open riool valt. De motorbikes zijn ook uit het straatbeeld verdwenen en vervangen door autoís. Marcels oogjes beginnen te glunderen als hij overal Chinese uithangborden ziet. Helaas zijn dat geen Chinese restaurants maar winkels gerund door en voor Chinezen. MaleisiŽ heeft namelijk een grote groep Chinezen (maar ook IndiŽrs) binnen de landgrenzen wonen. Dat zie je terug in het straatbeeld, maar ook in het eten. We zoeken een hotel vlakbij de haven want met deze hitte hebben we geen zin om lang rond te lopen. We vinden een aardig hokje in hotel Tawau. Met warme douche, airco en televisie. Wat een luxe na IndonesiŽ! Marcel is helemaal gelukkig, nou heeft ie heel veel knopjes om mee te spelen. Airco aan/uit, tv-kanaal vijf keer per minuut veranderen. Hij wordt er helemaal stil van. Morgen vertrekken we weer uit Tawau. Er is niet echt veel te beleven, een gewone grensstad net zoals je die op meerdere plaatsen in AziŽ ziet. Niet echt leuk om langer rond te hangen.

Speedboot MaleisiŽ: 50.000 rp
Hotel Tawau: 45 rm

Dag 513: Vrijdag 29 juli (Sandakan)
Om 10.00 uur zijn we op het busstation waar al een bus klaar staat die richting Sandakan gaat. We stappen in maar vertrekken nog niet meteen, er moeten eerst nog wat reparaties aan de bus uitgevoerd worden. Een kwartier later zijn we onderweg en hoe? Een ruime tweebaansweg, zonder kuilen en zo ver als je kunt kijken zie je palmbomen. We stoppen onderweg voor de lunch (die zit in MaleisiŽ vaak bij het busticket inbegrepen) en dat zorgt weer voor een grappige situatie. Achter een counter staat een jongedame gerechten op te scheppen en de buspassagiers wijzen aan wat ze willen hebben. Dat wij dat doen is niet zo vreemd, wij spreken de taal tenslotte niet! Maar jullie spreken toch zeker allemaal dezelfde taal en toch allemaal maar wijzen. Er wordt niet gesproken, nooit geweten dat die MaleisiŽrs zoín zwijgzaam volk waren. Na zeven uur bussen zijn we in Sandakan, volgens de Lonely Planet zou dit maar 5,5 uur duren. We weten het nu zeker, die Lonely Planet heeft het gewoon altijd fout. Het eerste hotel in Sandakan is vol, gelukkig vinden we een kamer in hotel Lagenda. We wandelen even door de stad maar ook Sandakan is geen bijzondere stad. Veel verkeer, veel mensen op de been en dus erg hectisch. Wat wel mooi is, is dat net buiten de stad de jungle al begint. 

Hotel Lagenda: 57 rm

Dag 514: Zaterdag 30 juli (Sepilok)
Sandakan is dus geen mooie stad om lang in rond te hangen en we besluiten dus maar te verkassen naar een hotel in de buurt van Sepilok Orang Utan Center. We proberen eerst in Sandakan nog wat informatie in te winnen over bezienswaardigheden in de omgeving maar helaas, het toeristeninformatiecentrum lijkt nooit open te zijn. We staan net als gisteren weer voor een gesloten deur. Dan maar naar het busstation waar we in een oude, gammele bus stappen die ons naar Sepilok brengt. We vinden een kamer bij Sepilok Resthouse. We wandelen naar het opvangcentrum waar we de tentoonstelling bekijken en we informatie inwinnen over de wandelroutes in het park. De rest van de dag doen we het rustig aan, even lekker bijkomen. Vooral Marcel heeft dat even nodig!

Bus Sandakan Ė Sepilok: 3 RM
Resthouse Sepilok: 65 RM (incl. ontbijt)

Dag 515: Zondag 31 juli (Sepilok)
De Orang Oetan heeft voor 96% dezelfde genen als de mens. Probeer dan nog maar eens te beweren dat de mens niet van de aap afstamt. Het Sepilok Orang Utan Rehabiliation Centre bevindt zich op een oppervlakte van 4.300 hectare maagdelijke jungle. Het centrum heeft als doel de gewonde en dakloze Orang Oetans terug te zetten in het wild. Het is een toeristenattractie (en voor sommige mensen is dat een reden om er niet naar toe te gaan) maar het is helaas een van de weinige mogelijkheden om de Orang Oetan in zijn natuurlijke leefomgeving te zien. Wereldwijd zijn er nog maar 20.000 tot 30.000 Orang Oetans die in het wild leven. Het centrum in Sepilok vangt de Orang Oetans in eerste instantie op in een gebouw om ze later los te laten in het wild. In eerste instantie worden ze nog 2x per dag gevoerd maar langzaamaan wordt er voedsel dieper in de jungle gelegd zodat de Orang Oetans weer meer in het wild gaan leven. Het park bestaat uit een museum, een videoruimte (met een goede film over de opvang in  het centrum), het voedingsplatform en een aantal wandelroutes. We gaan Ďs ochtends eerst bij het platform kijken. Om 10.00 uur worden de Orang Oetans gevoed maar als we iets voor tienen aankomen, hangen er al twee ongeduldig te wachten. Of ze kunnen geen klok kijken of ze hebben al erg veel honger. Om 10.00 uur komen de oppassers met bananen aanzetten en van twee kanten komen de Orang Oetans aangeslingerd. Alsof ze om de hoek hebben staan te wachten. In het park leven ongeveer 35 Orang Oetans maar die komen niet allemaal bij het platform eten. De meesten vinden tegenwoordig zelf hun voedsel. Meestal zie je bij het platform vijf tot tien kleine Orang Oetans die net teruggezet zijn in de jungle. Het is een superleuk gezicht om die beesten te zien slingeren en eten. Sommige pakken snel een tros bananen en vertrekken weer richting de jungle. Anderen maken er een hele show van, spelen met de oppassers, rollen over elkaar heen en pakken elkaars eten af. Als je zo een tijdje staan te kijken zijn het ook net mensen, afgezien van het feit dat wij niet aan lianen en bomen hangen. Het is erg druk met toeristen op het platform (het is inmiddels ook hoogseizoen in AziŽ), maar na een half uur zijn die alweer weg, de bus vertrekt! Wij blijven nog even hangen, we hebben tenslotte geen haast. En ons geduld wordt beloont, want als de Orang Oetans klaar zijn met eten komen de Macaque apen de restjes oppeuzelen. Met hordes tegelijk komen ze over het platform aangehold om de overgebleven bananen op te eten. We beginnen aan een van de wandelroutes en kiezen voor het Sepilok waterhole. Deze wandeling is ongeveer twee kilometer lang en voert dwars door de jungle. Leuk om op die manier even rond te kijken. En vooral om van die Ďherrieí te genieten. De jungle is nooit stil, overal hoor je gezoem, vogels en geritsel van bladeren. De apen zien we niet, die liggen allemaal te slapen op het heetst van de dag. Juist dan gaan al die mensapen over het pad wandelen. En dan zeggen ze dat de mens intelligenter is dan de aap?! We komen wel andere beesten tegen in de jungle. Marcel loopt voorop als hij plotseling bijna een meter in de lucht springt. Er loopt een grote lizard, van bijna een meter lang, over het pad. Het beest verschiet ook van Marcel en klimt razendsnel de boom in. We keren terug naar de hoofdingang, eten daar wat en bekijken de schade. Anouk heeft een bloedzuiger in haar sok maar die is nog niet tot haar perzikenhuidje doorgedrongen.  Vervolgens gaan we om 15.00 uur nog een keer kijken bij het platform. Leuk om voor een tweede keer aapjes te gaan kijken. Ďs Ochtends waren we druk bezig met fotoís maken en filmen. Nu kunnen we veel meer op ons gemak rondkijken. 

Toegang Sepilok: 30 RM
Camera: 10 RM extra

Dag 516: Maandag 1 augustus (Kota Kinabalu)
We hebben een klein probleempje vandaag. We willen naar Kota Kinabalu (kortweg KK genoemd door de lokale mensen) vertrekken vandaag maar de was is nog niet droog. We hangen de was in de zon maar als we de was net buiten hebben gehangen trekt de zon weg. Dat gaat zo dus niet lukken. Om 12.00 uur komt de bus naar Sandakan en gelukkig is de meeste was droog. Op twee paar sokken en een handdoek na. Met de stadsbus gaan we naar de busterminal waar we de bus moeten pakken naar KK. We zijn ruimschoots op tijd dus eten we even wat mie op straat. Onze was hangen we op een plastic stoel die we in de zon zetten. Want die is inmiddels weer gaan schijnen. Om half twee verschijnt de bus en stappen we snel in. In de bus hangt een lijn halverwege het raam om de gordijnen op de juiste plaats te houden. Het is tegelijk een mooie waslijn! Ziet er misschien vreemd uit van de buitenkant maar als we Ďs avonds om half acht in KK zijn is onze was tenminste droog! Nu nog een slaapplaats zien te vinden. Eerste twee hostels: vol. Alleen dormbedden beschikbaar (wat met zijn tweetjes net zo duur is als een tweepersoonskamer). Bij hostel Tropicana hebben ze nog een kamer vrij. Met een ventilator die bijna van het plafond afvalt en beddengoed waar nog allerlei ondefineerbare vlekken in zitten. De afgelopen dagen hebben we in redelijke hotels geslapen in Tawau en Sandakan voor 50 ringgit. En voor dit smerige hok vragen ze hetzelfde bedrag. Ons vermoeden blijkt juist als we even later een kamer vinden in hotel Malar Kinabalu. Met eigen badkamer, airco en tv, voor precies hetzelfde bedrag. Het is al net als in Zuid-Amerika, met twee personen ben je beter af in een goedkoop hotel dan in een jeugdhostel.

Bus Sandakan Ė KK: 25 RM pp
Hotel Malar Kinabalu: 50 RM 

Dag 517 t/m 519: Dinsdag 2 augustus t/m donderdag 4 augustus (Kota Kinabalu)
Kota Kinabalu is geen mooie stad. Rijen beton overal, brede straten met veel verkeer. Maar het is geen vervelende stad en het is niet slecht om er een paar dagen rond te hangen. Er zijn zes grote winkelcentra, restaurants naar ieders smaak (Chinees, Indisch, Westers, Fast food en nog veel meer). De eerste dagen in KK besteden we voornamelijk aan winkelen. Marcel heeft thuis geen kleren meer en omdat we over enkele maanden toch weer op huis aangaan zal er toch het een en ander aangeschaft moeten worden. In MaleisiŽ is alles veel goedkoper (merkkleding voor een prikje) en als je het met de boot naar huis stuurt kost het je nog minder dag een dagje je auto parkeren in hartje Eindhoven. We hebben de laatste maanden erg hard moeten reizen door IndonesiŽ (mede door het beperkte visum en de lange reistijden) en we nemen dan ook even een rustpauze in KK. We gaan een keer naar de bioscoop (de film Stealth) en vermaken ons verder prima in KK. Natuurlijk al die nieuw aangeschafte kleren van Marcel meteen op de post gedaan. Het postkantoor was weer een feest, want elk postkantoor in elk land waar we geweest zijn, heeft een systeem. Alleen, wij kunnen dat systeem nooit ontdekken. In MaleisiŽ mogen diverse postbeambtes zich weer in ons belangstelling verheugen. Eerst naar het hoofdgebouw, daar moeten we een doos kopen. Die doos mag niet meer dan tien kilo wegen. Anouk vraagt (met enorme grote doos in haar handen) bij balie vier of ze de doos misschien kunnen wegen. Ze wordt doorverwezen naar balie 15 waar Anouk tot de ontdekking komt dat de weegschaal maar tot twee kilo gaat. En dat erg grote pakket (waar Anouk dus al het halve postkantoor mee doorgelopen is) moet vanaf een ander gebouw worden verstuurd. Pakketten van meer dan twee kilo moeten verstuurd worden vanaf een bijgebouw, gelukkig niet ver van het hoofdgebouw. Niet alles past in een doos, dus weer terug naar het hoofdgebouw om een nieuwe doos te kopen. Vervolgens vier formulieren invullen voor twee dozen en alles dichtplakken. We moeten het telefoonnummer van thuis op de doos zetten. En daar worden vervolgens de postzegels overheen geplakt! We blijven er maar mee lachen! Twee uur later staan we weer buiten, het ging toch nog best snel. 

Tip:
Te veel bagage of te veel souvenirs. Versturen vanuit MaleisiŽ is spotgoedkoop. Wij betaalden 60 rm voor 10 kilo. Dat is omgerekend iets meer dan 12 Euro. Het wordt dan per boot verstuurd en doet er ongeveer twee/drie maanden over. Airmail is duurder, 300 rm voor 10 kilo, maar dan heb je het wel binnen een week thuis.

Dag 520: Vrijdag 5 augustus (Kota Kinabalu)
Na een paar dagen winkelen heeft Anouk er genoeg van en wil ze wat ondernemen. We gaan dus naar het Rafflesia complex. De Rafflesia is de grootste bloem ter wereld en kan een doorsnede bereiken van een meter. Er is echter een probleempje, de bloem bloeit maar zeven dagen voordat hij afsterft. De kans dat je er dus een ziet bloeien is klein en het gebeurt natuurlijk niet als wij er zijn. Alles zit tegen vandaag, soms heb je van die dagen dat alles mis gaat. We pakken een bus naar Tembunan die ons onderweg afzet bij het Rafflesia complex. Zoals wij het geÔnterpreteerd hadden in de Lonely Planet leek het in onze ogen een beetje op een botanische tuin. Een foute interpretatie want het is gewoon midden in de jungle, 500 meter boven zeeniveau (ijskoud dus) en het zit er vol met bloedzuigers. Daar staan we dan in onze korte broek met hempje. Niet echt gekleed voor de gelegenheid. We informeren bij de receptie of er ergens bloemen in bloei staan, alleen twee of drie kleine bloemen is het antwoord. Die zijn dan wel heel erg klein, want wij krijgen ze niet gevonden. Het is geen gemakkelijke pad om te lopen, het is steil en spekglad doordat het de laatste dagen regelmatig heeft geregend. We besluiten na een uurtje maar om te draaien en terug te keren naar KK. Gelukkig vinden we snel een bus en binnen een uurtje zitten we weer in KK. Vanaf het busstation wandelen we terug naar het hotel. De vele Chinese restaurants zijn al bezig met de voorbereidingen voor het eten. Met een paar mensen zitten ze tien kilo peppers fijn te snijden of duizenden champignons in twee stukken te snijden. Ďs Avonds boeken we via het internet een vlucht met Air Asia naar de Filippijnen. We vliegen vanaf KK rechtstreeks naar Manilla. Vanaf Sandakan is er een boot maar die komt uit het zuiden van de Filippijnen (Mindanao) en daar is het op dit moment niet echt veilig voor toeristen. Hier strijden moslims voor een onafhankelijke staat. Probleem daarbij is dat ze het ook op toeristen hebben gemunt. Op die manier ben je namelijk gegarandeerd van heel veel internationale media aandacht.

Bus Tembunan: 10 RM
Entrťe is gratis.
Vliegticket KK Ė Manilla: 300 RM pp, maar hoe eerder je boekt, des te goedkoper je kunt vliegen.

Dag 521: Zaterdag 6 augustus (Kota Kinabalu)
Anouk heeft vandaag een beter idee. Ons uitstapje gisteren is een beetje mislukt. Vanaf KK kun je met de trein naar Tenom en dan rij je vanaf Beaufort tot Tenom door een heel mooi stuk van de jungle. Dat leek Anouk nou zo leuk, lekker in de trein zitten en op die manier de jungle van Borneo bewonderen. Het idee is goed, alleen ging er iets mis met de uitvoering. Om zeven uur staan we al naast ons bed en gaan we snel naar het treinstation. De trein vertrekt rond acht uur dus we kopen snel een kaartje en lopen naar het perron. Daar staat een hele mooie trein, met luxe bankjes, tafeltjes in het midden, mooi met hout afgewerkt van binnen. Helaas, dat is dus niet onze trein. Na even wachten komt er een oud boemeltreintje het station binnen gereden. Dat is onze trein! We stappen in, vinden een mooi plekje en gaan zitten. Niks mis mee. Totdat we na twee uur rijden in Beaufort aankomen. Iedereen stapt snel uit de trein en wij denken nog heel onnozel dat we heel de trein voor onszelf hebben. De conducteur vindt ons in een lege trein en vertelt ons dat we van trein moeten wisselen om naar Tenom te gaan. We zijn dus als laatsten uit de trein en stappen als laatsten in de trein naar Tenom. Er zijn nergens geen zitplaatsen meer en we moeten staan. De raampjes zitten zo laag dat we niet buiten kunnen kijken. Wat dus het mooiste stuk van de treinreis had moeten worden, is voor ons niet zichtbaar. Pas na een uur zijn er voldoende mensen uitgestapt en vinden we een zitplaats. En dan is het uitzicht nog niet goed want we zitten aan de verkeerde kant van de trein. ZuchtÖÖ..het zit ons gewoon niet mee. De paar glimpen die we opvangen van de jungle zijn wel erg mooi. In Tenom eten we wat en pakken we de bus terug naar KK (180 kilometer terug), voor ons geen trein meer vandaag. 

Trein Tenom: 7,50 RM
Bus Tenom Ė KK: 15 RM

Dag 522: Zondag 7 augustus (Palua Labuan)
Vandaag gaan we naar Palua Labuan, een eiland drie uur varen vanaf KK. Het is een belastingvrije zone met goedkope alcohol en dames van plezier. Drie keer raden wie er vandaag heeft mogen kiezen waar we naar toe gaan! Even wat feiten: Labuan is 95 vierkante kilometers klein en 56% daarvan is bebouwd. Er wonen 76.000 mensen, waarvan 40.000 mannen. De vrouwen zijn dus in de minderheid (dat is misschien de reden voor die relaxhuizen op het eiland). De ferrie vanaf KK naar Labuan vertrekt op zondag om 15.00 uur. Dit schema willen ze nog wel eens om onduidelijke reden veranderen dus hebben ze ons aangeraden ruimschoots op tijd aanwezig te zijn. We zijn er al om 13.00 uur, vandaag uiteraard geen verandering in het schema en we vertrekken gewoon om 15.00 uur. Drie uur later arriveren we in Labuan Town. De stad zelf voelt niet aan als een eiland. Hoge gebouwen, een winkelcentra, tientallen hotels en veel beton. Toch is het geen vervelende stad en het bier is echt goedkoop. Drie blikjes Tiger voor een Euro. We vinden een kamer bij hotel Melati. Volgens onze reisgids de enige budgetoptie in de stad. Het hotel is niet bijzonder maar we hebben in ieder geval een kamer voor vannacht. Morgen moeten we verkassen want dan zitten de kamers vol. We wandelen even door de stad, boeken een kamer bij hotel Labuan Inn (twee euro duurder en stukken mooier) voor morgen en eten nog wat Chinees (jammie). We gaan vroeg naar bed want morgen willen we een dagje naar Brunei. Maar Ďs nachts kan Anouk niet slapen. We hebben broodjes gekocht voor het ontbijt maar de hele nacht hoort Anouk het zakje ritselen. In het donker heeft ze het zakje nog eens verplaatst maar het blijft ritselen. Ďs Ochtends ontdekken we waarom, de muizen vonden ons ontbijt ook erg lekker. We besluiten onderweg naar de ferrie maar even een nieuw ontbijt te kopen.

Boot KK Ė Labuan: 31 RM pp
Hotel Melati: 48 RM (inclusief gratis muis)

MaleisiŽ in het kort!

Hoogtepunt

De Orang Oetans in Sepilok, superleuk!! Echt een aanrader.

Dieptepunt

Ok, we zien er misschien uit als een kip zonder kop, maar we zijn geen diepvrieskip. We willen zo niet behandeld worden dus zet aub die airco uit. Het ergste was het hostel in KL, 35 graden buiten, 18 graden binnen!! Maar bussen, bioscopen, shoppingmalls, internetcafeís. Overal houden ze hier erg van ijskoude airco.

Internet

3 Ė 5 RM per uur en erg snelle verbinding.

Telefoon

Goedkoop, 1,20 RM per minuut.

Hotel

50 RM voor 2-persoonskamer. Een hotel is met zijn tweetjes vaak goedkoper dan een backpackershostel. Dormbed 20-25 RM.

Coca Cola

1,5 Ė 2 RM

Bier

10 Ė 15 RM voor grote fles.

Taxi

5 RM voor een paar kilometer.

Busticket stad

1 Ė 2 RM

Busticket land

30 Ė 40 RM

Bankzaken

Overal vind je ATMís in MaleisiŽ. Je zit dus niet snel zonder cash, er is overal wel een gelegenheid om te pinnen.

Eten

Heel erg goed, al het eten van AziŽ vind je in MaleisiŽ: Chinees, Indisch, Thais. Maar ook voldoende Fast food, pizzaís, westerse steaks. 

Algemeen

MaleisiŽ is erg toeristisch maar ook heel erg mooi. Je kunt een land wel vermijden omdat er veel toeristen zijn maar die toeristen komen niet voor niks, het zal er dus wel mooi zijn. MaleisiŽ is AziŽ voor beginners. Makkelijk rond te reizen, mensen laten je met rust maar zijn ook hulpvaardig als het nodig is. 

Terug naar Reisverslagen                             Verder naar Brunei